De haag van de buren staat te dicht op de grens? Je mag verwijdering eisen, niet zelf zagen
Op een wooneiland staat een perceel met twee opstallen, van de buren gescheiden door sloten. Langs de oever staat een haag van omstreeks 75 coniferen. Aan de overkant van een sloot van ongeveer vijf meter wonen de achterburen, die op dat perceel uitkijken.
Eind december 2005 zagen die buren de haag terug. Niet een paar takken: alle coniferen gaan van zes à zeven meter hoogte naar ongeveer twee meter. Dat zij dat op of omstreeks 28 december hebben gedaan, wordt in de procedure niet betwist. In de aangifte staat dat de eigenaar het pas op 4 januari ontdekte.
Op 9 januari 2006 stelt de eigenaar hen aansprakelijk. Ruim twee jaar later wijst de rechtbank Amsterdam vonnis, met daarin de regel die bij bomenruzies het vaakst wordt misverstaan.
Het wegsnijdrecht is er wel, maar het is klein
Een rechtvaardiging zou in artikel 5:44 BW kunnen liggen, en daar raakte het verweer van de buren aan. Dat artikel geeft je een echte bevoegdheid: hangen er beplantingen over jouw erf, en haalt de eigenaar ze na een aanmaning niet weg, dan mag je dat zelf doen.
Alleen heeft dat recht twee grenzen. Het gaat om wat overhangt, en het gaat pas in nadat je hebt aangemaand. De buren voerden aan dat enkele bomen schuin overhingen; de eigenaar betwistte dat, en de rechtbank stelt vast dat “gesteld noch gebleken is dat dit meer dan een enkele boom betrof”.
Daarmee valt de actie buiten het artikel: alle 75 coniferen rigoureus terugzagen is geen wegsnijden van overhangende beplanting, oordeelt de rechtbank. Wat buiten artikel 5:44 BW valt, vindt daar geen rechtvaardiging.
Te dicht op de grens? Dan mag je het eisen, niet doen
Blijft over het argument waar iedereen op terugvalt: die haag stond veel te dicht op de erfgrens. Mag je dan zelf ingrijpen?
Nee. Dit is de kern van het vonnis, in één zin van de rechtbank. Op grond van artikel 5:42 BW kan de eigenaar van het aangrenzende erf die zich tegen de aanwezigheid van de bomen verzet “verwijdering vorderen, maar ontstaat nog geen recht de bomen eigenhandig te verwijderen”.
Vorderen betekent: de ander aanspreken en zo nodig naar de rechter stappen. Niet: zelf regelen. Zelfs de stelling van de buren dat de haag over de grenslijn groeide — die de eigenaar niet voldoende gemotiveerd betwistte — veranderde daar niets aan. Een afstand die niet klopt geeft je een vordering, geen zaag.
In deze zaak rekende de rechtbank met de tweemeterregel voor bomen. Wanneer een rij coniferen een heg is, en of dan de halve meter geldt, komt in dit vonnis niet aan de orde. Die twee normen leggen we uit in Boom of struik van de buurman op de erfgrens – dit zijn uw rechten.
Het weeralarm hielp niet
De buren hadden nog een verhaal: veel bomen hingen gevaarlijk voorover, de grond zou zulke hoge bomen niet kunnen dragen, en vlak voor de actie was er een weeralarm afgegeven.
De eigenaar bestreed dat: het alarm kwam volgens hem pas op 29 december, toen het zagen al begonnen was, en voorspelde sneeuw, geen storm. De rechtbank hoeft dat niet uit te zoeken. Ook als het alarm er vooraf wél was, levert het geen rechtvaardiging op: er zijn geen feiten aangevoerd waaruit blijkt dat het voorspelde weer zó uitzonderlijk was dat de hele haag op deze manier terug moest. Getoetst aan het proportionaliteitsbeginsel staat het middel niet in verhouding tot het doel, het voorkomen van een gevaarlijke situatie.
Geen formele afweging: tussen de bomen en het erf van de buren lag vijf meter sloot.
Toestemming van de huurder telt niet
Eén overweging is los van deze zaak bruikbaar. Op het perceel stond een verhuurde woning, en de buren stelden dat de huurders akkoord waren. Ook als dat zo was, zegt de rechtbank, is dat geen toestemming van de eigenaar: een burenrechtelijke vordering tegen een huurder slaagt alleen als de eigenaar in de procedure wordt betrokken, of als vaststaat dat hij geen bezwaar heeft. Wie iets wil met beplanting van een ander, moet dus weten wie de eigenaar is.
En toen kwam de rekening van de kettingzaag
De buren vorderden in reconventie hun eigen kosten terug van de eigenaar: 1.500 euro snoeien, 850 euro afvoeren, en de huur van de kettingzaag.
Daar bestaat geen grond voor, oordeelt de rechtbank, en wel precies omdat het snoeien onrechtmatig was. Kosten die met een onrechtmatige daad gemoeid gaan, kun je niet verhalen op degene tegen wie je die daad pleegde.
Zet dat naast de spiegelzaak: Overhangende takken zelf laten weghalen: wie betaalt de hovenier?. Daar mocht iemand wél snoeien, netjes na een aanmaning, en kwam de rekening via de hinderregels bij de buren terecht. Samen beantwoorden de twee zaken de hele vraag: mag ik zelf snoeien, en wie betaalt dat?
Gelijk hebben is stap één
Dat de buren schade moeten vergoeden, staat na dit vonnis vast. Hoeveel, niet.
Beide partijen lieten een rapport maken. Die liggen ver uit elkaar. De taxateur van de eigenaar rekent met vervanging van de hele haag en komt op een vordering van 76.809 euro. De expert van de verzekeraar rekent met het verschil tussen de waarde vóór en ná het zagen, en komt op 2.914,62 euro.
De rechtbank krijgt die twee niet gerijmd en wil een deskundige benoemen. En dan volgt de zin om te onthouden: het voorschot voor die deskundige betaalt de eisende partij. Dat is hier de eigenaar van de haag. De benadeelde legt het geld voor.
Wat nog niet vaststond
Dit is een tussenvonnis. Vast staat dat het zagen onrechtmatig was en de buren kan worden toegerekend. Niet vast staat hoe hoog de schade is, en zelfs niet waar de erfgrens loopt: de rechtbank gaat er voorlopig van uit dat de haag de grens vormt, maar wil weten van wie de sloot is. Hoort die aan een derde, dan grenzen de erven niet eens aan elkaar. Een vervolguitspraak is niet te vinden, wat iets anders is dan dat die niet bestaat.
Waarom vertel ik dit?
Omdat de verleiding om het zelf op te lossen groot is, en hier twee keer verkeerd uitpakte: de buren moeten de schade aan de haag vergoeden, én draaien op voor hun eigen zaagwerk.
De volgorde die de wet van je vraagt is saai, maar kort. Zet op papier wat er overhangt of te dicht staat, sinds wanneer, en voor welke datum je wilt dat het weg is. Maak foto's zolang de situatie er nog is. Gebeurt er niets, dan kun je verwijdering vorderen — en gaat het om overhangende takken, dan mag je na die aanmaning zelf wegsnijden wat over je erf hangt. Niet meer dan dat.
Rechtbank Amsterdam, 12 maart 2008. Lees hier de hele uitspraak: ECLI:NL:RBAMS:2008:BE9580: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBAMS:2008:BE9580
De informatie op Grensgids is algemeen van aard en is geen juridisch advies. Gaat het om een eigen situatie? Leg die dan voor aan een advocaat of juridisch adviseur.
Staat de haag van de buren te dicht op de grens, of hangt hij over je tuin? In Grenzen & Gedoe, de basiscursus burenrecht, gaat een eigen module over bomen, hagen en overhangende takken: de tweemeterregel, wortels, snoeien en een stappenplan. Het stappenplan boom/haag en het logboek overlast zitten erbij. Kijk op grensgids.com.
